Agenda - Routebeschrijving - Login
   

Herinneringen aan de Rotterdamse kanovereniging Viking, 1932 - 1945

door Bob Sauvangsjo

Als tachtigjarige watersporter met veel bewondering en interesse voor het internet, uw verhalen gevonden over het ontstaan van de kanoverenigingen Never Dry en RCC in de jaren van voor de oorlog. Jammer alleen, vind ik, dat er in die totale gegevens met geen woord ergens vermeld staat dat er buiten die twee verenigingen aan de plas nog meer, en wel hele bekende kanoverenigingen waren, in Rotterdam zowel als Overschie. Laat ik proberen zoveel mogelijk mijn herinneringen uit die tijd terug te halen met excuses voor eventuele verkeerd vermelde jaartallen.

Als jongen van net 12 jaar wonende in het oude westen van Rotterdam zwierf ik vaak langs het water van de Delfthavense Schie. Ik was gek op water. Maar vooral de kano's die destijds met vele tientallen op het water aanwezig waren, hadden mijn aandacht. Tot mijn grote blijdschap kreeg ik van mijn ouders voor het behalen van mijn zwemdiploma zowaar een heuse tweepersoons tourkano. Bij de Mathenesserbrug lagen enkele woonboten waar je gelegenheid had je kano te stallen aan kleine, door de bewoners zelf gemaakte steigers. Mijn kano stalde ik aldus bij de alom bekende woonboot De Waterlelie, waarvan de eigenaar op de kermis stond met een Vlooientheater. De stalling kostte twee kwartjes per maand.

Na enkele maanden oefenen zag ik regelmatig kano's van een wel heel bijzonder model voorbijvaren. Ik probeerde vaak hen bij te houden maar, onervaren dat ik was, lukte mij dit in het geeh niet. Ik probeerde met hen in contact te komen. Ik kwam er achter dat het vader, zoon met twee vrienden waren, die samen een eigen clubje vormden onder de naam De Kikkers. De bootjes waren groen met op het voordek een grote witgeschilderde kikker. Ik sloot mij bij dat groepje aan. Het zouden naderhand in de watersport hele bekende namen worden: Oude Heyna (Jack Heyna) en Wim en Aad Wezenaar.

Vrij snel sloten zich zoveel liefhebbers zich bij ons clubje aan, dat wij er niet onderuit konden om een echte vereniging op te richten. Na veel voorbesprekingen geschiedde aldus. Gezien wij onze bootjes ergens kwijt moesten, hadden wij het geluk een ruime kelderopslag in de Zoutziederstraat te kunnen huren. Al spoedig werd er een begin gemaakt met het bouwen van stellingen voor de kano's. Met een kleine inwijding -een pilsje, een glaasje prik en een gevulde koek van 5 cent- werd de naam VIKING geboren. Dit moet in de jaren '32/34 geweest zijn.

Met algemene stemmen werd onze eerste voorzitter gekozen en wel Aad Wezenaar. Met medewerking van de gebroeders De Crouw en de Oude Heyna die beiden toevallig in de scheepsbouw zaten werd er al spoedig een begin gemaakt met het zelf bouwen van wedstrijdkano's. Eerst een R1S, toen een R2S en zelfs wat later een R4S. Daarvan waren er slechts enkele in Nederland aanwezig. Alleen de Geuzen uit Amsterdam beschikten over drie vierpersoons racekano's maar deze vereniging bestond toen al heel wat jaren.

In Rotterdam was de kanosport nog niet zo ingeburgerd en moest alles nog zo'n beetje op poten worden gezet. Maar het begin was er. Al spoedig bleek dat de ruimte die we hadden veel te klein werd, en we moesten uitkijken naar een grotere ruimte, die enige tijd later werd gevonden aan de Spangensekade. Daar konden we tot plm 1942 blijven.

Zelf was ik in die tijd reeds naar Duitsland afgevoerd en alle kontakten verloren. Ik weet niet wat er met alle kano's gebeurd is, maar ik ga verder. In onze nieuwe ruimte werden achterin stellingen gebouwd waarin we de kano's konden ophangen. De overige ruimte werd omgebouwd voor recreatie, met een kleine bar en met stoelen en banken waarin we veel gezellige uurtjes hebben doorgebracht, vooral in de zomer.

Onze vakanties brachten wij natuurlijk ook op het water door - hetzij naar de Reewijkse plassen of met tochten op de Maas waarbij we vaak via de Noord en Merwede terechtkwamen in Sliedrecht, waar we op een van de vele zandstrandjes onze tenten plaatsten en enkele dagen verbleven. Een heerlijke tijd was dat. En maar lol schoppen en zingen, want er was altijd wel iemand met een gitaar aanwezig.

Nadat onze vereniging lid was geworden van de N.K.B. en wij aldus ook het recht kregen aan wedstrijden mee te doen, vond mijn vader het leuk om ook eens poging te wagen om een R1S te bouwen. De tekening had hij van de oude Heyna ontvangen. Door gezamenlijk inkoop kon toen op een heel voordelige manier aan de benodigde materialen gekomen worden. De reeds voorbewerkte delen werden door twee van onze leden, die op de Mathenesserdijk een zagerij hadden, kant en klaar afgeleverd voor de somma van twintig gulden. Het verbaast me ook nu nog hoe mijn vader kans zag om op de zolderkamer met overloop een 5 meter en 20cm lange kano te bouwen. Mooi witgeschilderd met een rode rand met aan beide kanten, en met grote letters de naam BLIKSEM.

Hoe deze kano via het dak aan een touw naar beneden werd getakeld en op een gehuurde handwagen naar het clubgebouw werd gereden en met een hiep-hiep hoera daar te water werd gelaten. Daarop moest natuurlijk even gevaren worden, om te laten zien hoe snel hij was. Voor mij brak een onvoorstelbare mooie tijd aan. Ik kon dan ook als jongste lid bij de jongens geen kwaad meer doen. Vanaf die tijd trainde ik dat de stukken eraf vlogen. 's Morgens voor schooltijd en 's avonds na het eten de boot in het water, en onder begeleiding van Wim Determan (die inmiddels ook in onze vereniging zat ) starten, starten en nog eens starten om totaal afgepeigerd thuis te komen. Maar wel met een voldaan gevoel.

Twee maal in de week 10 km varen, twee avonden vanaf het clubgebouw het park in de rondte hardlopen, en niet te vergeten iedere week een avond naar de turnvereniging Maas, hetgeen spoedig daarna zijn vruchten begon af te werpen. Vele wedstrijden zowel in binnen- en buitenland volgden. Soms met en soms zonder succes voor onze vereniging, maar dat kon de pret niet drukken.

Ook de openingswedstrijden op de Bosbaan in Amsterdam alsmede de Rose-Marie wedstrijden in de Schie te Rotterdam waren voor mij hoogtepunten om nooit te vergeten. Prijsuitreikingen in het voormalig WB theater aan de Nieuwe Binnenweg, enz .enz. Ook een hoogtepunt voor mij was de water-stertocht tijdens de opening van de nieuwe brug over de Oude Maas in 1939. De jaarlijkse gekostumeerde kanotochten in de Schie en de jaarfeesten in de bovenzaal van Tivoli op de Coolsingel waren evenementen om nooit te vergeten. Ondanks de armoe en werkeloosheid heerste er een soort van discipline en onderlinge clubliefde die heden ten dage soms ver te zoeken is.

Direct na de oorlog in '45 hebben oud-leden nog een poging gedaan tot heroprichting. Van de gemeente Rotterdam kregen wij een turnzaal ter beschikking en binnen enkele maanden hadden wij meer dan 80 leden. Maar nogmaals, de discipline en de animo was er niet meer en om hard te trainen. Dit was de reden om als bestuur de koppen bij elkaar te steken, en na rijp beraad de vereniging op te heffen. Jammer-jammer-jammer. Het had nog zo mooi kunnen zijn.

Ik eindig nu U en Uw vereniging nog heel veel voorspoedige jaren toe te wensen en ik hoop U met deze memories uit de jaren 32 -40 een klein overzicht te hebben gegeven over de kanovereniging de VIKING.

Van Bob Sauvangsjo, inmiddels de 80 jaar gepasseerd, kregen wij hierinneringen aan de kanovereniging Viking, uit het vooroorlogse Rotterdam toegestuurd.

Dit nadat Bob de geschiedenis van de kanoverenigingen aan de Kralingse Plas had gelezen op de RCC-site.

We hebben Bob's herinneringen hiernaast afgedrukt.

Het aardige is dat we in het archief van RCC nog enkele clubblaadjes van Viking uit 1946 hebben, waarvan Bob toen redacteur was.